Spring naar inhoud

Brief (53) uit Schiedam

april 18, 2009

Eh… Poëzie dan maar?

Nee, toch maar even niet, ook al wil de lente volgens
velen de tijd bij uitstek zijn om in lyrische verzen uit te
barsten aangaande het geweldige leven. Een leven
van groen, een leven van zon, een leven van warmte.
Echter, bij mij kruipt altijd wel een ongerechtigheidje
onder het graasgroen waardoor die lente maar niet
wil uitbotten in strofen geschreven vanuit de diepste
rilling opgelopen onder het eerste zonnestraaltje vol
hosanna van weer een nieuw en waarlijk weldadig te
beleven komende zomer.

Niet meer dan aarzelende straaltjes die eerste zonlek-
kages! Zo leeg als een badeendje dat men ieder jaar
verkiest op te blazen tot een volwaardige drijfeend,
maar dat bij mij heus zo’n beetje als een slap eend-
velletje wil ronddobberen tussen het badschuim waar-
in mijn lijf ligt te wrangen verzwaard met een brein zo
knerpend dat zelfs de Mei van die Gorter er rap tot
wintergedicht gesloopt zou worden had het gedicht
het lef in mij rond te zingen op zo’n moment. Zeker
de eerste regel van dat Mei-geval, bij een ieder zo
te bekend dat ik hem hier niet eens hoef te citeren
om tot aan de lezersziel te geraken, zou een winter-
dompeling krijgen waarbij die verrekte lente en dat
nieuwe geluid een flinke droogstoppeltik kregen te
verwerken. Op z’n minst iets als: Een nieuwe lente,
een nieuw geluid / Gorter zong te mijlenlang de oli-
fant zijn laantje uit. Of ook wel, het kan korter, kort-
er, korter, zoals Hendrik de Vries zo ongeveer ooit
schreef. Zodat ik dus gerieflijk kan toegeven dat ik
dat meidingetje even niet tot het laatste uurtje heb
uitgelezen. Telkenmale ben ik eraan begonnen, wel
zo’n twintig keer, maar al na een paar bladzijden
peuterde de winter fiks aan mijn leeswil, liet het
de meidag verpieteren tot ver weg uit mijn gedach-
ten.

Maar morgen of overmorgen, heus dan…

Eerst even iets anders nu ik toch de lente in de prul-
lenbak aan het frommelen ben; Fitna 2 komp eraan.
Ons Geert heeft al een tijdje weer geen aandacht ge-
had dus smijt ie er gewoon een Fitnaatjenogmaals
tegenaan. ’t Wereldblikje zal weer op hem gericht!!!

Dat moet! Dat vindt hij fijn!

En bijkomstig levert het hem nog een zeteltje of wat
op in het politieke kamertje waaruit ie, met z’n hele
kudde aan PVVee zo recalcitrant weg liep een wijl-
chen her. Een wegloop waarvan het aandachtsef-
fect inmiddels weer zo vervaagd is dat het knap tijd
wordt voor een nieuwe act. Stoer is het natuurlijk
wel, want we kunnen er dan wel makkelijk de draak
mee steken, hij zet toch maar even zijn zijn op het
spel, op onze kosten weliswaar, maar toch is het
iets waarvan ik me afvraag of ik dat zou doen, of ik
het ervoor over zou hebben zo constant onder be-
waking te leven, altoos maar te moeten verhuizen,
tachtig procent van je privéleven te verliezen en ook
nog eens de halve wereld flink tegen je in het harnas
te hebben en nog zo wat van die negatieve effecten.

Ik zie het die Balkenende nog niet doen.

Erger nog, gevraagd naar zijn mening over de aan-
kondiging van Fitna 2 en hoe hierop te reageren is
niets meer bij de MP terug te vinden van het paniek-
gereutel van een tijdje geleden na aankondiging van
Fitna 1. Een reutel die hij stevig en frank de wereld
in stuurde als zat Nederland op het randje van des
Heren afgrond. “We wachten gewoon maar af” zo zei
JP nu met een gezicht waarin de pijnlijke ervaring van
de vorige keer tot op de verbijtende wangbenen hila-
risch nog zichtbaar was. Waarachtig, het overtrof
zelfs bijna zijn overwelmtronie die onbedoeld over
zijn gezicht woekerde toen hij bij Busch zijn handje
mocht komen brengen. Zo kleinejongenstrots bleek
ie destijds, als was hij een boerenkinkel die voor het
eerst op bezoek mag komen bij de koningin. Overig-
ens zal het filmpje wel weer een stevig tijdje op zich
laten wachten tot wellicht net voor de volgende ver-
kiezingen, want de spanning opbouwen dat kan ons
Geert als geen ander, en zo is er waarschijnlijk nog
een lentetje of wat te gaan voor de premiëre aan-
staande zal gaan zijn, want Geert gaat met behulp
van zijn PVVee voor niet minder dan Minister Presi-
dent te worden van een land waarin zowaar dichters
geboren worden die knoertlang van de lente zingen.

De lente verwinteren?

Heus het is zo gek niet, soms.

From → brieven

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: