Spring naar inhoud

Brief (123) uit Schiedam

september 11, 2015

Pleegkind: Mag ik bij jullie wonen?

Een schrijnende zin?

Onlangs las ik hem, die zin, stond
op de voorkant van de bijlage van
een bekende krant.

Een pakkende zin in ieder geval.

Maar wat zal je er mee te doen?

Even een potje schrijnen en hup weer
op weg naar een volgend schrijnpunt?
Snel zo’n pleeggeval in huis nemen?
En daarna wellicht nog een omdat
dat veel gezelliger is voor het eerste
geval? Of misschien helemaal niks
met zo’n vraag als hierboven doen?

En dan, er zijn toch kindertehuizen.

Een pleegkind namelijk, ik ben er niet
voor in de wieg gelegd. Zo’n verloren
kind te plegen, daar is mijn kop niet
geschikt voor. Ik heb zelf graag geen
kinderen omdat het niet geschikte van
mijn kop in mijn brein geramd staat als
een brulboei op volle toeren. En ook,
zal ik me daar ff de geboorte-ellende
van een ander op het al zo erg door
het leven bedrukte halsje halen zeg.

Alle lof natuurlijk voor de mensen die
dat wel doen, zo’n kind in huis halen!

Overigens ben ik zelf ook gepleegd in
vroeger jaren, ik ben dus met dit alles
zeer bekend en ik zou een kind die zo’n
zin de wereld ingooit toch wel graag op
wat dingetjes willen wijzen zodat het wat
meer gepanserd de pleegonderneming
kan ondergaan. Want je wordt als pleeg
nooit een volwaardig lid van zo’n ge-
zin. Altijd voel je onderhuids dat er iets
niet klopt met dat zo liefelijke plegen,
dat er geen onvoorwaardelijke band is
met de pleegmensen zoals je dat met
een paar eigen ouders kan hebben,
dat je toch altijd in de pleegvijver een
extra zetje moet ploeteren om je eigen
golfje te krijgen waarop je schijnbaar
als volwaardig lid van het pleeggezin
mag meedoen met het gezinsgebeur-
en. Je blijft een vreemde in de bijt van
de gezellige vijver, hoe graag je ook
zou willen dat het anders is. Dat ge-
voel zal, met een beetje extra krom-
me pech, je brengen tot onaangepast
gedrag dat als het lang genoeg aan-
houdt kan leiden tot het vrolijk uit de
vijver jagen van jou als rare pleeg,
want een stoorsteen in de vijver,
daar zitten die in beginsel heus echt
waar lieve pleegmensen mooi niet
op te wachten, het moet natuurlijk
wel hún zeer zorgvuldig ingeleefde
kabbelvijver blijven waar al te grove
of onverwachte rimpelingen danig
niet beleefd willen/kunnen worden.

Met als gevolg dat je als weggejaag-
de en opnieuw tot ‘weeskind’ gebom-
bardeerde de vraag ‘Mag ik bij jullie
wonen?’ uit het begin van dit schrijf-
sel nog eens moet stellen totdat het
(bij het betreden van een nieuwe
vijver) als ware het een wet van Me-
den en Perzen wederom gedonder
geeft in de o zo lieflijke kabbelvijver.

Kortom als pleegkind…

En godver er komen ook nog eens
gedichtjes van als eh onderstaand:

Wijzigingen opgeslagen

de eerste kik van jouw bestaan
enter kwam enter via moeder
enter ze zocht de warmte elders
enter jij dronk je koud aan bier
enter duwde haar op een nacht
buiten enter om het tuinhekje
te sluiten enter in de sneeuw
enter op blote voeten enter want
enter in het café was jij de King
enter kon de witte en rode ballen
goed bespelen enter dus te laat
in dikke roes naar huis enter om
nog een overwinning te behalen

enter
enter

op een sinterklaasavond voor
het raam enter ging jij enter in
je eentje op je troon gezeten
enter gewoon wat dood enter 
en werd per vreemde handen
enter geruisloos enter, enter,

opgeruimd

Werner Spaland

From → brieven

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: