Spring naar inhoud

Brief (166) uit Schiedam

februari 3, 2020

Een paar dagen geleden
een halve dag in het ate-
lier in de weer geweest
met kunstgedoe voor een
tentoonstelling in maart, 
want af en toe moet je,
kunstenaar zijnde, je ge-
doetje laten zien om niet
helemaal te versterven naar
onzichtbaarheid per snel-
kookpan vol allerhande
leven waar een mens zich
nu eenmaal niet onderuit 
kan beleven.

De expo heeft een politiek
themaatje over het terug-
brengen van 130- naar
100 kilometer op al de
Nederlandse wegen. We
doen mee met een zen-tijd
tekening nog te maken op
een redelijk groot doek. De
hele middag bezig geweest
en ff geen zin meer om te
koken dus op naar het Chi-
nees afhaalrestaurant om
een klodder op Chinees lijk-
end eten te kopen. Neder-
lands eten eigenlijk, om-
gebouwd tot een Chinees
lijkende hap, of, dat kan
ook, andersom. Nu ja, het
is om het even zo zullen
de Chinezen wellicht den-
ken; als de rare Nederlan-
ders het maar vreten, en
gelukkig dat doen ze dan
ook in donders grote slobber.

Waarom dit hele gebeuren
hier vermeld?

Wel, het verbaasde ons dat
het zo stil in het restaurant
was daar waar het altijd wel
krioelde van klanten en het
verbaasde ons nog een fiks
metertje of wat meer dat we
binnen een paar minuten al-
weer buiten stonden met een
dampende hap verpakt in
plastic bakjes hangend in
een dun wit plastic tasje
zoals je bij ieder Chinees
restaurant wel krijgt.  
Meestal duurt het wel een
stief-kwartiertje voor je
met de net verkregen hap
in een laaiend tempo naar
huis kan razen om die ver-
worven hap, in de hoop dat
ie nog warm is, te consu-
meren. Nu dus hup was het
in een paar minuten klaar.

Heel opmerkelijk allemaal
al besteedden we er voor
de rest geen aandacht aan.
Echter toen we ’s avonds
op de televisie een item
zagen bij nieuws-uur dat
door de ophef over het co-
rona-virus dat in China is
uitgebroken veel Neder-
landers de hier wonende
Chinezen ineens mijden
als de pest, als wordt dat
virus door die Chinezen
heel mogelijk welbewust
en met het allergrootste
genot wordt rondgestrooid
als zijn het van die lange
plastic zakjes gevuld met
fikse lappen kroepoek.

Heel de wereld is dus ff in
paniek want bang voor een
pandemie van de ergste 
orde terwijl er relatief maar
een gering aantal personen
behept is met het virus waar-
bij weliswaar doden te be-
treuren zijn maar vergelijk
je dat met het drinken, roken
en autorijden wat slachtoffers
betreft zouden we daar toch
een flink hapje meer van in
paniek hebben te raken. Het
is twee dagen geleden dat we
het voedsel dat we bij de Chi-
nees hadden besteld opgegeten
hebben, maar geen spoor van
welk virus dan ook raast er in
ons lijf rond om ons een danig
afbraakje te bezorgen wellicht
leidend tot een gruwelijke dood.

Maar godver!

Ben ik al weer aan de dood be-
land, het geval blijft maar achter
me aan leuren met een gretigheid
tot zeker ongekend in de wereld.

Met een gedichtje van je af schrijven
is dat wat? Zo’n geval waarin de dood
wordt bezworen,  nu ja, eigenlijk zoals
al door vele dichters is gedaan.

Dus een gedicht om die verdomde dood
een stevig eind uit het raam te flikkeren?

Mooi niet! 

From → brieven

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: